De laatste dag op mijn stageplaats alweer, nou ja dag, ochtend. We hebben gewoon de maandag morgen bijeenkomst, waar ik vertel wat ik in de afgelopen periode allemaal heb gedaan. Ik heb vlaai gebakken in het weekend, hij valt in de smaak. Alleen vraagt men zich wel af waarom het ‘fly’ heet en of er geen vliegen in zitten… Nadat ik heb gezorgd dat al mijn documenten opgeruimd en gearchiveerd zijn zet Rebekah me af bij het vliegtuig. Aangezien op Whanganui airport drie man en een paardenkop zijn ben ik er maar 5 minuten van te voren. Samen met twee kleuters kijken we naar de vliegtuigen, maar we moeten wachten tot het grote vliegtuig aankomt (het eerste vliegtuig was er een voor twee personen). Met de moeders concludeer ik dat het grote vliegtuig toch niet zo heel groot is. Bram land veilig en met de koffer duiken we een taxi in om terug te gaan naar Whanganui. Ik geef eerst een rondleiding door het museum, daarna gaan we wat eten. Op de terugweg lopen we langs de glasblazerij en even door het paddleboat museum Waimarie. Dan krijgt Bram een tour door het depot van het museum en mag hij met al mijn collega’s kennis maken. Bij de thee neem ik dan toch echt afscheid, van het museum krijg ik een gesigneerd exemplaar van Te Ara Tapu, een boek gepubliceerd door het museum over hun Māori collectie.
De volgende dag krijgt Bram de grand tour door Whanganui, dus we beklimmen Durie Hill, bezoeken de Sarjeants gallery en slenteren door de stad.
De campervan wordt vanmorgen afgeleverd dus is het pakken geblazen. Dat is stiekem toch meer werk dan je in eerste instantie verwacht van die ene koffer die je mee mag nemen in het vliegtuig. Als de bus er is, de meneer weer op het vliegtuig is gezet en alles in de bus gepakt is gaan we op pad. We vertrekken naar de Whanganui River road, die kan ik toch niet niet gereden hebben als ik in Whanganui heb ‘gewoond’. Het motto van de weg is ‘it is all about the journey’ wat helemaal waar is. Het is een super mooie smalle weg. Halverwege overnachten we op een kampeerterreintje (lees – een grasveldje met een toilet en een kraantje) geen kip te bekennen. Aangezien er maar één weg is gaan we de volgende dag weer verder. Onderweg stoppen we nog bij een watermolen, een marae en het klooster. De laatste 20 kilometer van de weg is niet verhard, ze zijn aan de weg bezig, of niet of… Het regent behoorlijk en de weg is nog steeds smal. Gelukkig komen we niet in de modder vast te zitten, spannend is het wel.
We rijden verder naar Whakapapa village. Hier wacht ons iets nieuws, het sneeuwt namelijk (dit geeft mij het gevoel dat het sneeuwt in de zomer wat natuurlijk onzin is, wat dan maar weer bewijst dat mijn bioritme lichtelijk in de war is). We bezoeken het bezoekerscentrum over de vulkanen, waarvan één nog al bekend is, namelijk Mount Ngauruhoe. Gaat er geen belletje rinkelen? dan zegt Mount Doom uit Lord of de Rings je waarschijnlijk meer! In de sneeuw maken we dik ingepakt een wandeling naar een waterval. In de sneeuw door een soort van regenwoud, het blijft vreemd.
We willen op weg naar Palmerston North, als we echter de berg nog niet goed en wel af zijn begint er een lampje op het dashboard te branden. Als we bij de benzine pomp stoppen volgt er een hoop heen en weer gebel wat er uiteindelijk in resulteert dat we weggesleept worden. Er is iets stuk gegaan aan de radiator, een ring ofzo. Deze moet besteld worden en aangezien het zaterdag is gaat dat nog wel even duren. Er wordt een andere campervan gebracht vanaf Auckland zodat we weer verder kunnen. Helaas is Auckland zo’n 450 kilometer ver weg, we moeten dus wel een tijdje wachten. Als het donker is rijden we naar een camping, we gaan morgen weer verder.
We rijden naar Palmy, daar bezoeken we Te Manawa en lopen we een rondje. Helaas is er op zondag niets open. De volgende dag gaan we naar het Rugby museum, dit wordt verplaatst naar Te Manawa, er is dus maar een halve collectie aanwezig. De meneer maakt het meer dan goed. Hij is zo trots op het museum en rugby enzovoorts. Het is jammer dat we het nieuwe museum niet kunnen zien. Dit is namelijk onwijs kneuterig en het nieuwe is waarschijnlijk behoorlijk state of the art. We gaan de weg weer op en rijden naar Wellington. Daar hebben we nog net genoeg tijd voor een rondje, maar morgen gaan we de boel eens wat beter bekijken.
Ik probeer ook nog wat foto's online te zetten, geen idee of het internet daar snel genoeg voor is...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten